Kerstverlichting

Mijn werkplek, mijn schrijversnest op de zevende verdieping naast het kanaal in Turnhout heeft drie zijden: een voorkant met een reusachtig schuifraam en terras dat stroomopwaarts over het kanaal kijkt, een zijkant langs het kanaal en de tegenoverliggende zijkant. Ook die kant is bijzonder met een strakke en heel verzorgd aangelegde esplanade, alleen te voet toegankelijk voor de bewoners van de Ancotorens, waarvan Belle Fontaine deel uitmaakt. De stad verzorgt die esplanade heel goed. Met stijlvolle beplanting, verlichting én banken.

Gisteren hebben ze er ook kerstverlichting aangebracht. Met KIS (Keep It Simple) in gedachten, maakten ze er iets heel stijlvols van. Waaruit nogmaals blijkt (in tegenstelling tot sommige, nerveus flikkerende kerstverlichting in de wijk over het kanaal): eenvoud (ver)siert. Hierbij twee foto’s.

Valavond, de zon
en onze kerstverlichting;
samen een verbond.

Wie toch, wie zei toch
dat kerstmis moet flikkeren?
Zelfs het licht niet stil.

Stekker erin en …
in heel het huis geen licht meer.
Zijn kerstversiering.

Matthias Schoenaerts

Ik las vandaag een interview in De Morgen met acteur Matthias Schoenaerts, die door de wereldwijde coronacrisis ineens een heel andere, lege agenda kreeg dan gepland. En dat stemt hem vrolijk: Het is vreemd om te zeggen in deze periode, maar ik heb enorm genoten de voorbije maanden.

En daar gaat hij dan dieper op in: Het is de eerste keer in tien jaar, sinds Rundskop eigenlijk, dat ik een lange periode thuis ben. Dat is zo heilzaam: ik ben aan het ­fotograferen, schilderen, schrijven. Ik kan tijd en aandacht schenken aan de heel simpele dingen waar we anders aan voorbij­­razen.

PLEIDOOI

Ik las dat laatste opnieuw. Gaf Schoenaerts zonet geen mooie definitie, of althans het begin ervan, van wat haiku is, van wat haiku schrijven en lezen is? Ja toch? En hij gaat gedreven verder: Serieus, kijk daar eens naar, zegt hij, terwijl hij een blaadje van de grond plukt. Die kleuren, dat patroon. Ik kan uren kijken naar de pure schoonheid van de dingen die ons omringen.

Boven hem en de journaliste is een duif amok aan het maken tussen het uitgedunde bladerdek. Terwijl jij de wonderlijke schoonheid van de natuur aan het bezingen bent, gaat dat beest op onze kop schijten, zegt ze. En ook dat zal een p-r-a-c-h-t-i-g moment zijn, antwoordt Schoenaerts.

Moet iemand hem niet vertellen dat hij van haiku houdt en daar meteen ook een geweldig pleidooi voor hield?

Kijkend naar een blad
weet hij niet dat zijn liefde
een naam heeft: haiku.

Raadsel

Al haast middernacht
en nog spelen ze padel.
Mens en balletjes.

Het kan weleens leuk én een uitdaging zijn om een haiku te maken waarin een vreemd of minder gekend woord zit. Dan wordt de haiku vanzelf een raadsel. Of voor de lezer een aanleiding om iets meer te weten te komen over iets wat hij of zij nog niet kende. De haiku als een teaser. Het is dan een kwestie om als lezer even de moeite te nemen om op het internet wat op te zoeken. Als je dan daarna opnieuw de haiku leest, wordt hij ‘ontsloten’ en krijgt hij zijn ware betekenis.

Weet jij wat padel is? Bij het uitspreken leg je de klemtoon op de laatste lettergreep. Padél dus.